Menu

Bedrijfsarts – periodieke beoordeling

De bedrijfsarts heeft in veel arbeidsrechtelijke kwesties een belangrijke rol. Hij heeft met veel partijen te maken en kan worden geconfronteerd met diverse procedures.

De titel bedrijfsarts is een beschermde specialisten titel, op grond van de wet BIG. Bedrijfsartsen hebben een eigen beroepsvereniging, de NVAB. Deze vereniging stelt diverse richtlijnen etc. op, onder meer over medisch inhoudelijke zaken. Belangrijk zijn ook de zogenaamde ‘kernwaarden’ van de bedrijfsarts. Deze houden onder meer in: behoudt van duurzaam inzetbaarheid en professioneel onafhankelijke positie.

Het oordeel van de bedrijfsarts is ook van belang bij de vraag of er terecht beroep wordt gedaan op een ontslagverbod bij ziekte. Was er ten tijde van het ontslag wel sprake van arbeidsongeschiktheid wegens ziekte? Het opzegverbod is overigens niet van toepassing als er geen verband is tussen ziekte en de reden voor ontbinding. Verder kan een ontslag toch aan de orde zijn, als een beëindiging van het dienstverband in het belang van de (zieke) werknemer is. Juist ook bij dit soort vragen is het oordeel van de bedrijfsarts van belang.

De wettelijke taken van de bedrijfsarts
De werkgever heeft de wettelijke verplichting om de bedrijfsarts in te schakelen voor ziekteverzuim begeleiding en arbeidsintegratie, periodiek gezondheidskundig onderzoek en het uitvoeren van aanstellingskeuringen. Verder wordt de bedrijfsarts ingeschakeld bij ziekteverzuimbeleid en preventie. Ook kan de bedrijfsarts worden ingeschakeld voor het toetsen van de risico-inventarisatie en -evaluatie.

De bedrijfsarts mag uit hoofde van een juiste taken oefening niet worden benadeeld in de positie in het bedrijf of de instelling. De bedrijfsarts is zelfstandig en onafhankelijk.


Werknemer heeft recht op second opinion
Een werknemer heeft het recht op een second opinion. Deze second opinion moet worden onderscheiden van het deskundigenoordeel van het UWV. Het deskundigenoordeel kan enkel betrekking hebben op enkele specifieke vragen, zoals de vraag of er sprake is van arbeidsongeschiktheid wegens ziekte. De second opinion gaat meer om de medische inhoudelijke beoordeling, ook los van de vraag of er sprake is van arbeidsongeschiktheid. 

Alleen bij zwaarwegende argumenten mag het verzoek van de werknemer om een second opinion worden afgewezen. De eerste bedrijfsarts verstrekt aan de geraadpleegde bedrijfsarts de relevante informatie. De geraadpleegde bedrijfsarts bespreekt zijn advies c.q. second opinion met de werknemer. Alleen bij toestemming wordt de eerste bedrijfsarts geïnformeerd. De second opinion kan reden zijn de begeleiding over te dragen.