Transitional allowance<\/a>. Het maximumbedrag stijgt, de compensatieregeling voor werkgevers staat op de schop en ook de cao-regels kennen een aanscherping. Wil jij weten waar je aan toe bent? Dan zetten we de belangrijkste wijzigingen hier overzichtelijk voor je neer.<\/p>\nHet nieuwe maximumbedrag in 2026<\/h2>\n
Het meest in het oog springende nieuws is de verhoging van het wettelijk maximum. Waar je in 2025 nog rekening hield met een plafond van \u20ac 98.000, ligt dat bedrag dit jaar een stuk hoger. Per 1 januari 2026 bedraagt de transitievergoeding maximaal \u20ac 102.000 bruto. Verdien je meer dan dat op jaarbasis? Dan geldt je bruto jaarsalaris als maximale vergoeding. Dit maximum wordt jaarlijks ge\u00efndexeerd op basis van de ontwikkeling van de contractlonen, en voor 2026 betekent dat een stijging van \u20ac 4.000 ten opzichte van het vorige jaar.<\/p>\n
De rekenregel zelf blijft ongewijzigd: je ontvangt 1\/3 bruto maandsalaris per volledig dienstjaar, waarbij de periode boven een volledig jaar naar rato wordt berekend. Een dienstverband van tien jaar en drie maanden levert dus iets meer op dan precies tien dienstjaren.<\/p>\n
Recht op transitievergoeding vanaf dag \u00e9\u00e9n<\/h2>\n
Een regel die al sinds 2020 geldt maar nog regelmatig voor verwarring zorgt: je bouwt het recht op een transitievergoeding op vanaf de allereerste werkdag. Het maakt niet uit of je een tijdelijk contract hebt, als oproepkracht werkt of zelfs nog in de proeftijd zit. Zodra de werkgever het initiatief neemt om het dienstverband te be\u00ebindigen of niet voort te zetten, heb je in beginsel recht op de vergoeding. Doe je zelf afstand door zelf ontslag te nemen, dan vervalt dat recht doorgaans.<\/p>\n
Wel geldt een uitzondering: als jij ernstig verwijtbaar hebt gehandeld, kan de rechter oordelen dat de werkgever geen transitievergoeding verschuldigd is. Andersom bestaat er naast de transitievergoeding ook een zogenoemde billijke vergoeding, die de rechter kan toekennen als de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Daar zit geen wettelijk plafond aan.<\/p>\n
Wijziging compensatieregeling bij langdurige ziekte<\/h2>\n
E\u00e9n van de meest ingrijpende voorstellen voor werkgevers in 2026 betreft de compensatieregeling bij ontslag na twee jaar ziekte. Momenteel kunnen werkgevers de betaalde transitievergoeding na een langdurig ziek dienstverband terugvragen bij het UWV. Het kabinet wil die regeling echter beperken tot kleine werkgevers. Een kleine werkgever is daarbij omschreven als een werkgever met een loonsom van maximaal 25 maal het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer per jaar. De beoogde ingangsdatum van dit wetsvoorstel is 1 juli 2026, al moet de wetgever daar nog definitief mee instemmen.<\/p>\n
Middelgrote en grote werkgevers die nu nog aanspraak maken op compensatie, doen er verstandig aan hun financi\u00eble planning aan te passen. Voor lopende ziektetrajecten met een einddatum v\u00f3\u00f3r 1 juli 2026 geldt overgangsrecht, zodat het recht op compensatie in die gevallen behouden blijft.<\/p>\n
Cao en vervangende voorziening<\/h2>\n
In een cao kan een vervangende voorziening worden opgenomen in plaats van de wettelijke transitievergoeding. Maar ook hier gelden in 2026 duidelijke grenzen. Zo’n afwijkende regeling mag uitsluitend worden afgesproken bij ontslag om bedrijfseconomische redenen. De voorziening hoeft niet meer euro-voor-euro gelijkwaardig te zijn aan de wettelijke vergoeding, maar moet wel gericht zijn op het voorkomen of bekorten van werkloosheid, een redelijke financi\u00eble vergoeding bevatten of een combinatie van beide. Valt jouw situatie onder een cao? Dan is het de moeite waard om na te gaan of de geboden voorziening aan deze eisen voldoet.<\/p>\n
Wat telt mee in de berekening<\/h2>\n
Niet iedereen realiseert zich welke looncomponenten in de berekening worden meegenomen. Het gaat niet alleen om je kale maandsalaris. Denk ook aan:<\/p>\n